Rauwe gezondheid

dadelWaarom rauw? Het idee achter rauw voedsel is dat als je het voedsel niet boven de 48 graden verwarmt, de enzymen in de voeding blijven leven. Deze enzymen zijn noodzakelijk voor een goede vertering en opname. Boven de 48 graden worden ze vernietigd, en worden je lichaamseigen enzymen hiervoor aangesproken. Dit is –onnodig- belastend voor je lichaam, temeer omdat je lichaam niet over onuitputtelijke voorraden van de verschillende enzymen beschikt. Daarnaast gaat verhitting ook ten koste van de levenskracht in het voedsel. Een geroosterd zaadje zal niet meer ontkiemen, een gedroogd zaadje behoudt zijn levenskracht, en ontkiemt als je het weer in de grond stopt. En ten slotte verandert bij hoge temperaturen de samenstelling van vitaminen, mineralen, eiwitten en vetten. Van vetten is bekend dat –op een enkele uitzondering na- deze na verhitting kankerverwekkende verbindingen bevatten. Maar ook kunnen er nieuwe verbindingen ontstaan in het gekookte voedsel die het lichaam niet kan verteren. Voedsel wordt nu gedeeltelijk ballast en vulling, terwijl het lichaam niet de mineralen en andere voedingsstoffen binnenkrijgt die het nodig heeft. Het is bizar dat we in een samenleving leven waarin steeds meer mensen teveel gewicht meetorsen en tegelijkertijd ondervoed kunnen zijn, in de vorm van een tekort aan mineralen. Met alle ziekmakende gevolgen van dien. Je kunt je afvragen of veel van de hedendaagse voeding nog wel ‘voeding’ genoemd kan worden. Veel van wat er wordt gegeten bevat per gewicht nog maar bitter weinig stoffen die onze lichaamsprocessen tot op celniveau echt voeden, of bevatten stoffen die simpelweg ziekmakend zijn.

De praktijk

Alle mooie theorieën ten spijt, de praktijk wijst vanzelf wel uit of je lichaam ergens baat bij heeft of niet. Van augustus 2007 tot augustus 2010 heb ik grotendeels rauwe-plantaardige voeding gegeten. Hoewel het een behoorlijke overgang is beviel dat uitstekend. Ik had nogal wat gezondheidsproblemen, en mijn gezondheid is sindsdien aanzienlijk verbeterd. Binnen 4 maanden was ik van mijn schildkliermedicijn voor een te traag werkende schildklier af, en had ik geen last meer van hypoglycemie (zoals dat door de niet-reguliere geneeswijzen wordt omschreven). En dat terwijl ik vergeleken met vroeger veel meer zoet in de vorm van zuidvruchten, bananen en agavediksap ging eten. Ik viel snel af tot een gewicht wat mij goed beviel, en bleef daar moeiteloos op, zonder daar op te hoeven letten. Daarnaast kreeg ik beduidend meer energie (heel welkom!), en voelde ik me stukken rustiger en helderder. Doordat mijn leven door allerlei veranderingen langdurig behoorlijk op z’n kop ging staan lukte me het sinds die tijd steeds minder om mijn rauwe voedingswijze vol te houden. Als productontwikkelaar hield ik me ook bezig met brood en andere verhitte voeding. Ook prachtig (en lekker), en met veel plezier (ons gekiemde tarwebrood is een groot succes!), want voeding blijft fascineren. Maar voor mijn gezondheid niet goed. Met als resultaat in 2011 dat ik weer aan de schildkliermedicijnen ben, en dat mijn gewicht toe- en mijn energie is afgenomen. Vol goede moed ben ik het rauwe eten nu weer aan het opbouwen. Ongetwijfeld zal rauwe voeding niet voor iedereen de beste voedingswijze zijn. Het stemt echter wel tot nadenken dat de gezondheid van veel mensen wereldwijd er ingrijpend (en aangrijpend) door is veranderd.

Voedsel = medicijn

Eén van de redenen om in 2007 over te stappen op rauw voedsel was om de bijzondere helende voedingsstoffen van wilde planten directer tot me te nemen. En wat blijkt: veel wilde planten zijn uitstekend in te passen in lekkere rauwe gerechten. Wilde planten als helende voeding dus. Met de recepten en informatie laat ik zien dat voedsel je medicijn kan zijn en medicijn je voedsel. Veelal op de achtergrond geraakte kennis die heel hard nodig is in een samenleving die het spoor bijster is wat betreft voeding en gezondheid. Het is prachtig om te zien wat er in bermen, plantsoenen, bossen en tuinen staat aan geneeskrachtige en eetbare planten! Brandnetel, weegbree, veldkers, speenkruid, nagelkruid, kleefkruid en vele anderen. Niet alle plekken zijn even geschikt om te plukken, maar er is meer mogelijk dan je in eerste instantie misschien denkt! Ik oogst, ook in de winter, bijna elke dag, al zijn het maar een paar bramen die ik onderweg tegenkom, of wat paardenbloemblaadjes voor in de sla. En ik heb een voorraadje gedroogde wilde planten in huis, die ik kan gebruiken wanneer ik maar wil. Wilde planten zijn nu een wezenlijk onderdeel geworden van mijn dagelijkse voeding.

Verassingen uit de natuur

smeerIk heb er veel plezier in om smakelijke rauwe en wilde recepten te bedenken. En opnieuw is het me duidelijk geworden dat we omgeven worden door een grote rijkdom aan wilde smaken, geuren en kleuren vol gezondheid. Eten met wilde planten is een feest! Want wat is er nu leuker om je tijdens het wandelen te laten verrassen door een mooie oogst aan akkermelkdistel, of malse berenklauwknoppen?

Soepen, salades, sappen, smoothies, drankjes, patés, burgers, hartige balletjes, dressings: er zijn veel manieren waarop je wilde planten kan integreren in je rauwe voeding. Slechts een beetje meer van dit soort gerechten toegevoegd aan je maaltijden zal al veel voor je gezondheid doen.

Voor degene die zowel gekookt als rauw wil genieten van wilde planten: Mijn boek Eten en Drinken met Wilde Planten staat vol met informatie en recepten over wilde planten, voor elke maand in het jaar. In mijn nieuwsbrieven en cursussen, en in mijn verdere onderzoek ligt de nadruk grotendeels, maar niet uitsluitend op rauwe helende voeding. Als productontwikkelaar en vormgever van het kenniscentrum voor eetbare wilde planten op Hof van Twello kan ik daarnaast mijn fascinatie voor alle soorten voeding goed kwijt.

zie ook www.rauwvoedsel.nl